Welbevinden tijdens het musiceren met maatschappelijk kwetsbare meisjes

Onderwijsinstelling: LUCA School of Arts, Campus Lemmens
Studierichting: Muziekpedagogie
Promotor: Dr. Thomas De Baets
Student: Yentl Vanderiviere

Dit sociaal-artistiek onderzoeksproject, ontworpen om de participatiekansen van maatschappelijk kwetsbare jongeren, meerbepaald van maatschappelijk kwetsbare meisjes, te verhogen, tracht een antwoord te vinden op de vraag: ‘Hoe beïnvloeden muzikale activiteiten op een directe manier het welbevinden van maatschappelijk kwetsbare meisjes van 13 tot 18 jaar?’. De bedoeling van dit onderzoek is om te achterhalen wat het welbevinden van de deelnemers op een directe manier beïnvloedde tijdens sessies muziek. De onderzoeksdata werden verzameld via observaties, bevragingen en interviews. Dit onderzoek gebeurde in samenwerking met ‘Den Tube’, de jongerenwerking van vzw Buurtwerk ’t Lampeke in Leuven, die de maatschappelijke positie van jongeren in de Ridderbuurt wil verbeteren. In twaalf speciaal daartoe ontworpen sessies konden de deelnemers vocaal musiceren, instrumentaal musiceren en in groep een eigen song schrijven. De deelnemers werden gerekruteerd via de OKAN klassen van Kessel-Lo en Haasrode.

In een vooronderzoek werden de observatietool van Laevers en de kenmerken van welbevinden volgens Laevers aangepast aan de leeftijd van de deelnemers en uitgebreid met voorbeelden, verzameld via observaties van het zichtbaar gedrag bij leerlingen van 12 tot 16 jaar tijdens lessen MO in het Heilig-Hartinstituut Heverlee.

In de eerste fase van het hoofdonderzoek werden op basis van video opnames acht sessies geanalyseerd waardoor enerzijds de muzikale gedragsindicatoren volgens de kenmerken van Laevers duidelijk werden en anderzijds het niveau van welbevinden op basis daarvan gescoord kon worden. Het resultaat hiervan zijn muzikale gedragsindicatoren die verdeeld werden in zes categorieën. Deze gedragsindicatoren kunnen wijzen op een negatief of een positief niveau van welbevinden.

In de tweede fase werden de bevragingen van zes deelnemers die het meest aanwezig waren tijdens de sessies gebruikt om via interviews na te gaan wat de oorzaak was van een specifiek niveau van welbevinden. De bevraging was gebaseerd op het leerlingenformulier A voor welbevinden van Laevers. Dit peilt naar de mate van gelukkig zijn van de deelnemers voor iedere muzikale omgangsvorm van de sessies afzonderlijk. Deze interviews maakten het mogelijk om de beïnvloedende factoren volgens de deelnemers onder te verdelen in twee categorieën: affect en vaardigheid. Tot de categorie affect behoorden de invloeden waaraan de deelnemers een bepaald affect koppelden. De categorie vaardigheid bevatte beïnvloedende factoren die te maken hebben met het evenwicht tussen de mogelijkheden van een deelnemer en de uitdagingen die ze krijgt. De invloed op het welbevinden kon bij beide categorieën zowel positief als negatief zijn. Daarnaast was er ook een categorie met niet-muzikale gedragsindicatoren waarbij onder andere het sociale aspect van het musiceren een invloed bleek te hebben op het welbevinden van de deelnemers. Na het beëindigen van beide fases werden de beïnvloedende factoren volgens de subjectieve ervaring van de deelnemers gekoppeld aan muzikale gedragsindicatoren. De koppeling van de resultaten was noch eenvoudig, noch eenduidig, maar kan een eerste aanzet zijn voor verder onderzoek naar de relatie tussen gedragsindicatoren en factoren die een invloed hebben op het welbevinden.

Yentl Vanderiviere

Welbevinden tijdens het musiceren met maatschappelijk kwetsbare meisjes.