Wwwater-KBL4

WWWater

Een verhaal dat tijd en ruimte overstijgt

De eerste keer dat wij van Charlotte Adigéry hoorden, was op de soundtrack van Felix Van Groeningens ‘Belgica’. Op ‘The Best Thing’ drapeerde ze haar ijle, maar loepzuivere vocaal rond muziek van de Deewee-broertjes. Twee jaar later breekt ze met WWWater potten, in binnen- en buitenland. The next big thing? Wie zal het zeggen? Charlotte zelf alleszins niet: haar Gentse nuchterheid houdt haar met beide voeten stevig op de grond. Maar de ambitie is groot. Wij gingen op de koffie, kregen een cinammon roll als versnapering en vuurden wat vragen op haar af.

Onlangs las ik in De Morgen over jou: ‘Superster in wording.’ Na amper één ep en een aantal gesmaakte optredens zijn de verwachtingen niet min. Hoe ga je daarmee om?
Charlotte: “Ik ben uiteraard supertevreden dat het publiek de muziek van WWWater weet te smaken en dat de media positief zijn. Al kan ik ook wel triest worden als mensen me zeggen dat ze helemaal niet mee zijn. Waarmee ik niet wil zeggen dat iedereen mijn muziek graag moet horen, hé. (lacht) Ik vind het een mooi compliment dat iemand me de next superstar noemt, maar het is niet iets wat hard binnenkomt. ‘La Falaise’ was mijn eerste ep: de weergave van een zoektocht naar de muziek die ik wou maken. Voor mij is het verhaal nog maar net begonnen.”

Huh? R&B?

Het is wel tekenend voor de tijd: bands die anders klinken, een nieuw geluid laten horen, worden steevast ingehaald als the next big thing. Maar een hype kan snel terug gaan liggen.
Charlotte: “Dat is waar. Ik zie het vaak gebeuren, maar het staat haaks op mijn idee van een muzikale loopbaan. Die heeft alle baat bij een trage groei. Je moet je tijd nemen, durven te experimenteren en niet willen meesurfen op het succes van the flavours of the day. Dat korte succes is misschien wel even fijn, maar het is tegelijk erg vluchtig. Ik heb de indruk dat de media dat wel wat in de hand werken, want ik zie dat het ene medium het andere gewoon kopieert, niet omdat ze echt geloven in de muziek die ze aandacht geven, maar gewoon om mee te zijn met de vibe.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

“Ik las ergens dat ik R&B maak. Dat klopt helemaal niet, hé. Ik ben niet de volgende Solange. Ik begrijp wel dat je aandacht nodig hebt om je muziek aan de man te brengen, maar een carrière bestaat uit meer dan een debuut-ep. Die aandacht en de verwachtingen kunnen verlammend werken: op ‘La Falaise’ staan songs die ik al ontgroeid ben, maar waarvan het publiek wel verwacht dat ik ze speel. Het is niet altijd even makkelijk om terug te grijpen naar het gevoel dat ik had toen ik ze schreef, omdat er sindsdien heel wat is gebeurd.”

Bands en artiesten hebben tegenwoordig nog weinig controle over wat ze de wereld willen insturen: tijdens concerten staat iedereen te filmen of in real time livebeelden te verspreiden. Social media bepalen de snelheid van je succes …
Charlotte: “Ja, je hebt er helemaal geen vat meer op. Soms vergeten mensen dat er achter de artiest een mens schuilgaat. Het is eigenlijk niet echt oké dat je zomaar iemand filmt en dat met de hele wereld deelt. Alsof je als artiest gewoon gemeengoed geworden bent. Het is een mes dat aan twee kanten snijdt. Onlangs maakte een fan een filmpje op muziek van WWWater. Erg goed gedaan, en ik was erg blij dat iemand de moeite had genomen om dat te maken. Maar ik vond het wel raar dat die kerel er niet mee gediend was dat ons antwoord te lang op zich liet wachten en te kort was. Ik begrijp wel dat je fans bijvoorbeeld verwachten dat je met hen de op foto gaat, maar niet meteen na een optreden. Dan wil ik zelf eerst wat landen, wat rust. En social media geven niet echt de rust die ik soms nodig heb. Ik heb mijn persoonlijke Facebookpagina op slot gezet en ben enkel nog bezig met de pagina van de band.”

“Je moet je tijd nemen, durven te experimenteren en niet willen meesurfen op het succes van the flavours of the day.”

Ik zag je vorig jaar spelen op Boomtown, tijdens de Gentse Feesten. Het prille begin, en zeer ontwapenend. Tussen jou en het publiek was er helemaal geen afstand. Je begroette al je vrienden die kwamen kijken alsof je in je huiskamer stond.
Charlotte: “Ja, dát optreden! (lacht) Nu ja, WWWater op klaarlichte dag tijdens de Gentse Feesten, dat was niet meteen de juiste setting. Niettemin, voor ons was het wel een referentieshow – vooral een voorbeeld van hoe we het niet meer willen aanpakken. Kwam er nog bij dat mijn lief zijn kinderen op het podium gedropt had, en ik plusmama moest spelen terwijl ik stond te zingen. Nu ik erop terugkijk, was het een hilarisch moment, maar we gaan nu toch enigszins anders te werk. Ik probeer wel een connectie met het publiek te maken, maar het hoeft er niet vingerdik op te liggen. Als we een show starten, is dat steevast met het nummer ‘Presence’, waarmee we de sfeer zetten. Ik heb het publiek na die song ooit eens aangesproken, maar Steve (Slingeneyer, de drummer, red.) was daar niet mee opgezet omdat hij vond dat ik de magie doorbrak en hem uit zijn bubbel haalde. Als we gaan spelen, willen we het publiek in een sfeer trekken, in een verhaal dat tijd en ruimte een beetje overstijgt. Je wordt als artiest als het ware een persona; dat is iets wat ik gaandeweg heb geleerd.”

Het vinden van de balans tussen geven en nemen?
Charlotte: “Ja. Ik heb lang backings gedaan bij andere bands; de rol die ik daar had, was helemaal anders. Nu ik zelf vooraan op het podium sta, is het nog een beetje zoeken naar de plaats die ik wil innemen, naar wat ik wil of kan geven.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Heb je voorbeelden van artiesten die het doen zoals jij het zou willen doen?
Charlotte: “Niet meteen, maar ik zie wel soms clichés waar ik helemaal van over mijn nek ga. Zaken als ‘Brussels, how are you!’, of mensen laten meezingen door je microfoon in hun richting houden met je ene hand achter je oor. Marc DeMarco doet dat wel goed, en Prince was er een meester in. Als hij het publiek liet meezingen, en ze deden het volgens hem niet goed, zei hij dat ook: ‘You’re not quite there yet.’ Spelen met je publiek en toch je integriteit en waardigheid behouden als artiest, daar kijk ik naar op. Ik ben ook niet de persoon die tussen songs het publiek wil entertainen met anekdotes.”

Hoe zou jij je eigen muziek omschrijven? Je mag het vergelijken met een boek, een film … Toen ik ‘Presence’ hoorde, moest ik meteen denken aan de film ‘Ex-Machina’, om de ijlheid van de track, het nu-gehalte …
Charlotte: “Vind ik echt een compliment. Weet je, ik vind inspiratie bij de oude punk, bij artiesten als Henry Rollins ten tijde van Black Flag, MC5, etc. Niet dat ik hun soort muziek wil maken, maar het moet wel uit het hart komen. Ik voelde me lange tijd onzeker over wat ik deed, wie ik was, en ik denk dat de huidige staat van de samenleving daar wel voor iets tussen zit. Je kan tegenwoordig alles en iedereen bereiken via social media en er is heel veel peer pressure. Doe wat anderen doen en je zit op de goeie lijn. Dat is niet hoe ik het zie. Ik denk dat je de opmars van hiphop daar wat in kan kaderen, als een tegenreactie op alle readymade oplossingen. Het internet heeft ons enorm veel gebracht, is heel democratisch want vrijwel overal beschikbaar, maar de digitale revolutie is nu wat te veel naar een kant aan het doorslaan. Het is allemaal té aanwezig. Ik denk dat we nog volop bezig zijn met dat medium op een goeie manier te leren gebruiken. Het is het middel bij uitstek om ons met anderen te verbinden, en tegelijk zie je dat we ons massaal terugtrekken in een eigen wereld.”

Als ik je zo hoor vertellen, moet ik meteen denken aan Coely. Toen ik haar interviewde, viel me dezelfde oprechtheid op; ze is ook iemand die op een podium uitgroeit tot een ongelooflijk performer, naar wie mensen luisteren. Maar naast het podium is ze heel ingetogen, met de voeten op de grond.
Charlotte: “Ja, Coely is de max. Ik heb zelf niet die ambitie om de stem te worden van een jonge generatie, maar soms heb je die dingen gewoon niet in de hand. Ik weet niet wat mijn muziek betekent voor mijn publiek, maar als iemand er iets aan heeft, dan maakt me dat blij. Ik weet me verder zeer goed omringd door de juiste mensen. Jarri, mijn manager, is op korte tijd een vriend geworden, omdat we zowel qua muziek als qua mens op dezelfde lijn staan. We kunnen elkaar alles zeggen, ook als het gaat om zaken waar we het niet meteen over eens zijn.”

“Als ik naar een concert ga, wil ik geraakt worden, en niet het gevoel hebben dat ik in een marketingverhaal beland ben.”

Je hebt onlangs getourd met Young Fathers en voor een groter publiek gespeeld. Heb je het idee dat je muziek beter tot zijn recht komt in de kleine clubs of grotere venues? WWWater kan beide aan, denk ik.
Charlotte: “Ja. We kunnen het minimal houden, maar evengoed groter gaan. Maar in de Lotto Arena zou de intimiteit toch verloren gaan, vrees ik. Dat gevoel is inherent aan onze muziek. Ik ben vorig jaar naar Death Grips gaan kijken in de AB. Ik had er enorm naar uitgekeken en stond al klaar in de mosh pit. (lacht) Maar toen die gasten begonnen, raakte het me niet. Ik vond dat echt erg. Lag het aan het geluid? Aan de zaal? Misschien, maar wellicht meer nog aan het feit dat de energie er anders was dan in een kleinere club. Sommige artiesten komen veel beter tot hun recht in kleinere zalen of underground clubs, gewoon omdat je ze als publiek moet kunnen voelen. Ik denk dat het met WWWater ook zoiets is: het publiek moet nabij zijn. Ik weet niet of een grote afstand zou werken. David Byrne heeft daar interessante zaken over geschreven in zijn boek ‘How Music Works’.”

Het is nochtans een van de grote dromen van veel commerciële acts tegenwoordig: de Lotto Arena uitverkopen.
Charlotte: “Ja, maar dat heeft naar mijn gevoel niets met muziek te maken, maar alles met het verspreiden van een soort sfeer; iets waar iedereen blij van wordt. Als ik naar een concert ga, wil ik geraakt worden, wil ik opgeslokt worden door het gegeven, en niet het gevoel hebben dat ik in een marketingverhaal beland ben.”

In WWWater zit iets onmiskenbaar Gents: een je m’en fous-houding, iets wat je ook ziet bij Soulwax.
Charlotte: “Ja. Ik heb niet het gevoel dat David en Stephen een invloed hebben op de muziek van WWWater, maar met Deewee (hun platenlabel, red.) geven ze wel kansen aan bands die anders niet aan de bak zouden komen. Ik vind hun integriteit inspirerend. Ze hebben hun afkomst nooit verloochend en zijn nooit gezwicht voor de commercie. Integendeel, zelfs.”

facebook.com/wwwatersounds