Vuurwerk-KBL1

Vuurwerk

Live human electronics

Vuurwerk op Rock Werchter én Pukkelpop! De human electronics-act zal er deze zomer een liveset presenteren die de tot in de puntjes is voorbereid. Meteen ook een mooie insteek om Jergan Callebaut en Thieu Seynaeve, de twee producers van dienst, hun licht te laten schijnen op the gear in hun ‘beast’. “De Morgen heeft onze verzamelde apparatuur ooit omschreven als een klankenlaboratorium. Live is ‘the beast’ het verlengstuk van onze studio.” Welkom in de digitale én analoge wereld van Vuurwerk – binnenkort ook te ontdekken op het te verschijnen, titelloze, debuutalbum.

Jergan en Thieu werken tegenwoordig als psycholoog en psychiater in Londen. Via skype polsen we naar het geek-gearslutz-gehalte van Vuurwerk terwijl de heren zich op een terras scrambled eggs en een bloody mary laten welgevallen.

Thieu: “Jergan is vooral de geek, als ik eerlijk mag zijn. Ik vind dat van mezelf niet. Ik ben meer bezig met concept en inhoud.”

Jergan: “Ik ben de meest technisch ingestelde van ons twee. Maar als ik met onze front-of-house-mixer praat, dan vind ik hém de geek. Er zijn altijd gradaties, hé. Ik heb wel een opleiding audioproductie gevolgd in avondschool. En ook een cursus elektriciteit.”

Thieu: “We doen alles samen in een rare vorm van dialoog, maar Jergan is veel meer bezig met het technische aspect van de muziek. Het is wel belangrijk om iemand met zo’n achtergrond in de groep te hebben. Onze producties bestaan soms uit honderd sporen. We layeren heel vaak uitgerekte samples met synths. Als je dat niet netjes laat opnemen door iemand die dat op een zuivere manier kan, dan zal de eindmix nooit oké zijn.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Jergan: “Als je elektronische muziek maakt en bezig bent met productie en mixing, dien je sowieso ook het technische aspect van klankdesign te beheersen. Je moet weten wat je aan het doen bent. Een productie wordt pas heel goed als je weet hoe je alles in de mix kan plaatsen. We hebben in onze beginperiode ook fouten gemaakt. Je moet aandacht hebben voor frequenties en de juiste keuzes maken. Die evolutie is nog altijd bezig.”

Thieu: “Ons opzet is om altijd boeiende liquid muziek te maken. De productie moet mooi vol zijn maar mag niet te vol klinken. Dat resultaat bereiken is veel technischer dan ik ooit had gedacht. Aanvankelijk hadden we vooral oog voor klankdesign. Het muzikaal melodische aspect kwam minder aan bod. Nu zijn we op beide zaken gefocust. Sound blijft wel het allerbelangrijkste. Soundscapen: dat is wat we voornamelijk doen. We sturen sounds door effecten en compressors.”

Jergan: “Niet dat we heel veel compresseren, hoor. Niet alles hoeft uitgerold te klinken. Ik heb graag dat de dynamiek van een nummer overeind blijft.”

Is het moeilijk om jullie studiosound te vertalen naar een livegegeven?
Jergan: “Puur qua programmeren wel. Het concept is op zich niet moeilijk, maar de implementatie ervan is een werk van vele jaren. Dat geldt trouwens voor elke elektronische band. Kijk naar acts als Caribou, Moderat en Soulwax: die touren niet voor niets vijf jaar met dezelfde setup om het concept volledig onder de knie te krijgen. Je mag niets aan het toeval overlaten maar tegelijk moet je er toch voor zorgen dat je toeval kan creëren. Je moet kunnen jammen binnen een bepaald kader. Dat is het moeilijkste als je een liveset ineen aan het steken bent.”

“Je moet kunnen jammen binnen een bepaald kader. Dat is het moeilijkste als je een liveset ineen aan het steken bent.”

Wat is qua beats onmisbaar voor jullie?
Thieu: “O, niets nieuws hoor. De Roland SP-404 sampler is altijd heel belangrijk geweest voor ons. Toen die op de markt verscheen, was die foute sampler niet eens zo succesvol. Je kon die heel goedkoop aanschaffen. Nadien is de sampler wel enorm opgepikt door de beats scene. Er zitten een paar effecten in die heel uniek klinken op stem of gitaar. Het voordeel aan crappy apparatuur is dat niemand die digitaliseert of namaakt omdat er geen sprake is van een goede implementatie van algoritmes en software. Terwijl: oude apparatuur heeft soms meer karakter. En dat is belangrijk voor de klank.”

Jergan: “Hoe we proberen een eigen sound te vinden? Dat verloopt heel intuïtief. Iedereen kan de keyboards kopen die wij gebruiken. Ik denk dat Thieu en ik in ons hoofd een soort onbeschreven klankenpalet hebben waarbij we iets voelen. We willen bezig zijn met interessante klanken.”

Thieu: “Puur klanktechnisch hebben synths ongelimiteerde mogelijkheden. Met klassieke instrumenten heb je bepaalde beperkingen qua frequenties. Klanksynthese via synthsesizer bied je oneindige mogelijkheden om een sound te creëren zoals je die zelf wil. Ik ben soms urenlang bezig met de zoektocht naar een klank. Dat is het mooie aan synths. Jergan en ik zijn allebei geïnteresseerd in de geschiedenis van de synth. Toen er voor het eerst synths op de markt verschenen, werden ze gebruikt door psychologen die mensen hun gevoel lieten beschrijven via synthsounds.”

Zijn er bepaalde dogma’s waar jullie bij zweren op het vlak van synths?
Jergan: “Niet echt. We gebruiken de klassiekers. We grijpen veeleer terug naar oudere, analoge synths dan naar moderne synths. Nieuwe sounds vinden we wel via de box in onze laptop. Syntheffectenbakken met karakter: daar gaan we altijd naar op zoek.”

Thieu: “Onze guilty pleasure qua synths is de Novation: een beetje een foute synth met heel veel coole klanken.”

Jergan: “Als je die Novation door verschillende effecten jaagt, krijg je een heel vuile klank. De Korg MS-20 is nog vuiler en crappier.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Thieu: “De Nord Prophet is ook een zeer dankbare synth.”

Jergan: “Droog klinkt die synth koel en niet zo tof, maar van zodra je er reverb en delay op zet, klinkt de Prophet heel goed. Hij heeft een zekere elegantie die ook ruig kan gaan klinken.”

Thieu: “Die klanksynthesetruc is wel populair de laatste jaren: vertrekken van iets heel puur en er daarna effecten en delays op zetten om het minder gepolijst te maken. Zie ook wat Moderat en Goose doen.”

Jergan: “Alles wat onvolmaakt klinkt en enigszins kan detunen, daar zijn we wel fan van.”

Thieu: “Op zich is een synth ongelooflijk saai. Een synth is eigenlijk een heel onmenselijk instrument dat is gecreëerd om heel volmaakt te klinken. Ons adagium is echter dat we met Vuurwerk human electronics willen maken. Vandaar dat we vaak starten met een pure synthklank en die vervolgens helemaal vervormen zodat je niet meer hoort waar het geluid oorspronkelijk vandaan kwam.”

Hoe past de Doepfer Dark energy in die optiek?
Jergan: “Dat is een sequencer die we gebruiken om arpeggio’s te spelen (een reeks geprogrammeerde noten die volgens een ritmisch patroon herhaald worden, red.). Sowieso analoog van klank en het is gewoon cool om met je handen noten te spelen.”

Thieu: “Via de MIDI-clock kunnen we met die sequencer arpeggio de Prophet, de Nord en de Nova aansturen.”

“Iedereen kan de keyboards kopen die wij gebruiken.”

Hoe belangrijk is de Whammy-pedaal voor jullie sound?
Jergan: “Heel belangrijk. Ik gebruikte die pedaal vroeger veel om zangpartijen te pitchen in Ableton. Ik pitch heel graag vocals, dat is mijn dada. De pitch engine in Ableton is echter niet altijd even goed. De engine van de Whammy-pedaal wel. Vroeger ook veel gebruikt in functie van gitaarpartijen, maar sinds het vertrek van Sjam (Janssens, red.) zit er niet zoveel gitaar meer in onze sound. (Zonder Sjam is Vuurwerk nu een duo in de studio, red.) Ik heb me wel al afgevraagd of het niet beter zou zijn om voor onze producties volledig over te stappen naar Logic. Nu gebruiken we zowel Logic als Ableton Live. De klanken in Logic zijn veel puurder. Bij Ableton heb je al snel het gevoel dat iets klinkt als een mp3.”

Thieu: “Logic is meer een studio.”

Jergan: “We gebruiken het programma eigenlijk vooral als een sampler. Puur qua properheid heeft Ableton niet zo’n goede klank. Wat op zich goed is. Maar Ableton mist wat diepte. Live is Ableton dan weer heel stabiel en gemakkelijk.”

Thieu: “Wat we vaak doen, is nummers overzetten van Ableton naar Logic. Om vervolgens de producties eventueel in een analoge studio op een analoge board te mixen. Om dan finaal alles te masteren en op tape te zetten.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Er sluipt analoge warmte binnen in de digitale sound van Vuurwerk.
Jergan: “De laatste jaren hoor je dat inderdaad in onze producties, maar we stappen niet af van het digitale. De klanken die we zelf creëren met Ableton vind ik op zich goed, maar als je bepaalde synthsounds nog extra versterkt en met een micro opneemt, dan krijg je meer diepte. We willen ook echte akoestische instrumenten zoals piano en drums verweven in onze sound.”

Thieu: “Het is niet zo dat we zweren bij de manier van opnemen in de jaren zestig. We zijn gewoon op zoek naar een slimme manier om doelbewust om te gaan met digitale en analoge tools.”

Hoe moeilijk is het om echte drums in jullie sound te verwerken? Echte drumpartijen zijn minder beheersbaar dan een drumpatroon uit een machine.
Thieu: “Ik denk dat je een hele goede recording engineer nodig hebt. De moeilijkheid is iemand vinden die op technisch vlak een grote meerwaarde is en creatief gezien ook nog eens dezelfde visie heeft. Niet eenvoudig.”

Jergan: “Iets kan heel goed klinken en toch niet bij de sound passen. Dat is een moeilijk gegeven. We wilden het organische van een sixties/seventies Slingerland jazzdrum sowieso in ons geluid. Een echte drummer kan een groove neerzetten; met een drumcomputer kan je die feel niet creëren.”

Thieu: “Vroeger had ik het niet zo voor livedrums, maar gaandeweg ga je bepaalde zaken meer appreciëren omdat je merkt dat er ook sound, groove en energie in zit. Dat geldt ook voor de saxofoon die deel uitmaakt van ons geluid. Zo krijgt elektronica een menselijke kant. Als je elektronica maakt vanuit een insteek dat je er ook andere mensen bij betrekt, dan ontstaat er iets unieks. De muziek wordt er ook gelaagder door. Op die manier gaat er iedere keer een deur open van een huis dat steeds groter en complexer wordt. Onze debuutplaat heeft die twee aspecten. In zekere zin is de muziek complex maar ook voldoende toegankelijk voor iemand die er voor het eerst naar luistert.”

“Op zich is een synth ongelooflijk saai: een onmenselijk instrument dat is gecreëerd om heel volmaakt te klinken.”

Welke micro’s vind je aangewezen om vocals mee op te nemen?
Jergan: “Voor rap en spoken word maak ik altijd gebruik van de RE20, een heel dynamische, grote microfoon die vaak ook gebruikt wordt op de radio. Thom Yorke had er ook een voor zijn neus staan tijdens The Basement Session van Radiohead. Die microfoon doet hoge zang gebalder klinken en geeft rap een steviger karakter. Voor mijn eigen stem gebruik ik de CE114 van AKG. Omdat ik dat een fijne microfoon vind. Ik weet precies hoe hij werkt. Voor lead vocals gebruik ik meestal een U47, een klassieke Neumann-microfoon. Of een U87. Onze front-of-house-mixer heeft een website gevonden die je leert hoe je zelf zo’n microfoon kan assembleren. Dat hebben we dan ook gedaan. Dat is een pak goedkoper dan er eentje te kopen. Zelf gebruik ik niet zo’n microfoon omdat mijn vocals van nature nogal crunchy zijn. Maar de vocalisten waar we mee samenwerken, hebben veeleer een smooth stemgeluid. En dan is het wel tof om zo’n microfoon te gebruiken.”

Hoe belangrijk zijn de LA2A en de API in functie van de stem en de lead vocal?
Jergan: Ik heb zelf een LA2A gemaakt met een optische compressor. Die werkt op licht en ik gebruik die al heel lang voor zangtakes. Het is eigenlijk een standaard tubecompressor. Ik heb ook een digitale versie. Afhankelijk van het soort stem is de analoge of de digitale versie de beste optie. Het helpt om de stem er meer door te krijgen in de sound zonder dat de stem te pal op de muziek gaat liggen. Wat ik ook vaak voor de stem gebruik, is een beetje harmonische distortie. Dat wordt nu regelmatig in popmuziek gedaan. Dua Lipa doet het bijvoorbeeld constant. Met een overdrivebakje ga ik op zoek naar een iets ruwere distortie. In de studio beroep ik me al eens op de Thermionic Culture Vulture, bruikbaar voor drums, zang en synths. Het geeft geluid meer saturatie en extra karakter.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Hoe moeilijk is het om de stem goed te krijgen?
Jergan: “De zanglijnen schrijven en inhoudelijk iets te zeggen hebben: dat lukt sowieso. Maar de passende persoon vinden om het nummer zal inzingen en er een extra dimensie kan aan geven, en hoe je dat dan opneemt: dat is het moeilijkste. Je moet een moment zien te vangen. Je kan daarin overdrijven waardoor de productie te dramatisch wordt. Dan verlies je emotie. En emotie is nog steeds het belangrijkste als het over zang gaat.”

vuurwerkmusic.com


Gearlist

Gear in onze ‘Beast’

  • Prophet 08 rack
  • Novation Nova
  • Novation Supernova
  • Verschillende EHX FX pedals: analog delays en reverb
  • Vocal FX: harmonizer, autotune en doubler
  • Vocal FX lead singers: LA2A en API eq’s
  • MIDI sync interface en audio interface (RME)
  • Doepfer Dark energy en Dark Time
  • Nord Lead & Pads & Modular
  • Whammy pedal (original) voor synths en vocal FX
  • Verschillende Multi FX channel strips die naar synths gaan
  • Compressors per synth en sidechain compressor sync met kickdrum
  • 2 Roland SP samplers
  • Korg MS-20 keys on stage (vintage)
  • Prophet 12 keys on stage
  • Roland RE-201 analog delay (vintage)
  • Juno 106 synth
  • MIDI clock & Word Clock die signalen op elkaar afstemt
  • MIDI sequencer die synths aanstuurt
  • Bus compressor synths: SSL bus comp + 4x stereo Fatso Compressor

Instrumenten

  • Acoustic drum met OH
  • Roland SPDS voor extra drumtriggers
  • Saxofoons: alt, tenor en bas