TinFingers-KBL1

Tin Fingers

“We volgen gewoon ons buikgevoel en zien wel waar dat ons brengt.”

Ze komen nauwelijks op de radio en geraakten niet eens in de finale van Humo’s Rock Rally 2016. Toch moest Trix de releaseshow van Tin Fingers’ ep verplaatsen van de Bar naar de veel grotere Club. Hoe kregen vijf jonge knapen uit Antwerpen dat voor elkaar?

“Welkom in mijn crib”, zegt Felix Machtelinckx (23) terwijl hij zijn lange zwarte jas aan de haak hangt. We begeven ons op de bovenste verdieping van een herenhuis in Berchem. Planten en plastic dinosaurussen nemen de hele ruimte in. Behalve één hoekje, want daar staat Felix’ pronkstuk: een doorleefd maar prachtig hammondorgel, model 136J.

Felix: “Op een orgel kan je bas en melodie tegelijk spelen. Vind ik heel gemakkelijk om nummers mee te schrijven. Anders moet je prutsen met muziekprogramma’s op je computer vooraleer je meerdere muzikale partijen op je eentje kunt spelen. Dan denk je te veel na en komt de muziek niet meer uit de buik.” Het zal niet de laatste keer zijn dat Felix het belang van dat buikgevoel benadrukt.

Tin Fingers bestaat vijf jaar en telt vijf leden. Felix is de frontman, hij schrijft de songs. Tekent ook present voor het interview: Quinten De Cuyper (23), de gitarist van de band en instrumentenbouwer in opleiding. Het is Quinten die dat hammondorgel aan Felix heeft geschonken. Samen maken ze al jaren muziek, ook vóór de oprichting van Tin Fingers.

Quinten: “Ik vervoegde het muziekgroepje van Felix, drummer Marnix Van Soom en bassist Simen Wouters toen ze nog ‘Sweet Home Alabama’ coverden. Dat moet zo’n tien jaar geleden zijn. Toetsenist Michael Lamiroy (zie ook School Is Cool, red.) kwam er als laatste bij. Het meeste van wat we in onze beginjaren speelden, leek nergens op. Alleen onze moeders waren echt fan. Maar samen hebben we muziek ontdekt. We hebben uren geklooid om te leren wat werkt en wat niet. Nu zijn we helemaal op elkaar ingespeeld én hebben we een eigen sound gevonden.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Wat was het eerste nummer waarvan jullie dachten: dit is echt honderd procent Tin Fingers?
Quinten: “Dat moet ‘Swim’ zijn, een lied dat we twee jaar geleden hebben geschreven. ‘Swim’ klonk toen helemaal anders dan alles wat we daarvoor al gedaan hadden. Meer pop, meer laid-back. We hebben toen al onze oude nummers in de prullenmand gegooid en zijn verder de richting van ‘Swim’ opgegaan.”

Felix: “Sindsdien voelt het alsof we een eigen muzikaal taaltje spreken. Onze repetities leken vroeger op debatten, terwijl we nu op eenzelfde golflengte zitten en heel gemakkelijk communiceren. We begrijpen elkaar en begrijpen hoe Tin Fingers klinkt. De stap van een demo naar een afgewerkt nummer is dan ook veel kleiner geworden.”

In oktober stelden jullie je ep ‘No Hero’ officieel voor aan de rest van de wereld. De kaartjes voor die releaseshow gingen zo snel over de toonbank dat Trix jullie heeft verschoven naar een grotere zaal. Vanwaar komt dat enthousiasme, denk je?
Felix: “Het zal alleszins niet door de radio komen, want daar draaien ze ons niet. (lacht) Ik hoop natuurlijk dat het aan de kwaliteit van onze ep ligt. De videoclip voor single ‘Young Mother’ heeft ook veel geholpen. In twee maanden tijd werd die zo’n tienduizend keer via YouTube bekeken. Dat vind ik wel straf aangezien we die clip op onszelf hebben uitgebracht.”

Het helpt ook dat Jasper Maekelberg van Faces On TV en Warhaus de ep heeft geproducet. Dat is toch een klinkende naam in Vlaanderen.
Felix: “Klopt, al heeft hij op creatief vlak een veel grotere indruk op ons nagelaten. Hij heeft ferm gesleuteld aan de songstructuren en de grooves. De drumklank heeft hij ook helemaal naar zijn hand gezet. Het klikte heel snel tussen ons omdat we een zeer gelijkaardige visie op muziek hebben. We zullen hem sowieso betrekken bij onze volgende plaat: we waarderen zijn mening enorm.”

“Het meeste van wat we in onze beginjaren speelden, leek nergens op: alleen onze moeders waren echt fan.”

En jullie kregen de steun van nog een ander bekend figuur: Ann Demeulemeester, die outfits voor jullie heeft ontworpen.
Felix: “Het klinkt misschien alsof we een uitgewerkt plan hadden om die en die persoon bij de release van onze ep te betrekken, maar weinig daarvan was berekend. We volgen gewoon ons buikgevoel en zien wel waar dat ons brengt. Ann Demeulemeester is daar een goed voorbeeld van. Ik heb vroeger nog een studentenjob gedaan bij haar bazin. Zij steunde ons van in het begin en bracht ons in contact met Ann.”

“Anns bijdrage heeft uiteindelijk wonderen gedaan, want nu staan we als een band op het podium. Anders draagt Quinten misschien een gestreept T-shirt, Simen een metalshirt en ik iets heel deftig op het podium. Dan tonen we ons niet als een eenheid. In deze tijden van Instagram en andere social media denk ik dat de look van een band alleen maar belangrijker is geworden. Je ziet een groep voor je naar hun muziek luistert.”

De Nieuwe Lichting, De Zes, De Beloften, Humo’s Rock Rally: jullie hebben aan een heleboel muziekwedstrijden deelgenomen. Hoe kijken jullie daarop terug?
Felix: “De Zes vonden we leuk, maar dat is waarschijnlijk omdat we die gewonnen hebben. (lacht) Nee, serieus: als ik kon terugkeren in de tijd, dan zou ik die wedstrijden niet opnieuw doen. Je leert er bitter weinig van, terwijl ze ongelooflijk veel tijd en energie kosten.”

Quinten: “Het probleem is: je hebt maar een kwartier om je als groep te bewijzen. Dus pomp je je nummers op, probeer je ze zo overtuigend mogelijk te doen klinken. Rustige nummers? Een lange opbouw? Niet sensationeel genoeg. Terwijl wij geen singles-band zijn. We proberen net een verhaal te vertellen en daar moeten we de tijd voor krijgen. En weet je, ik wil eigenlijk niet winnen met onze muziek. Daar doen we het niet voor.”

Waarom deden jullie dan aan die wedstrijden mee?
Quinten: “Omdat we destijds het gevoel hadden dat we het onmogelijk konden maken in Vlaanderen zonder zo’n wedstrijd te winnen. Jonge muzikanten wordt vaak aangeraden om aan zulke dingen deel te nemen, terwijl er ook andere manieren zijn om op te vallen.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

De Kunst van het songschrijven

Wij journalisten vergelijken jong grut al snel met andere, gevestigde waarden. In jullie geval is dat vaak Grizzly Bear, Mac DeMarco en Yeasayer. Heb je al vergelijkingen gelezen waar je echt niets van begrijpt?
Quinten: “Eén journalist vergeleek ons ooit met Glints en Oscar And The Wolf. Ja, oké, we zijn ook Belgen. En ja, we hebben ook een frontman. Maar verder …”

Felix: “Nu, wij doen dat ook hoor, muziek in hokjes indelen. Het is heel moeilijk om mensen op een andere manier uit te leggen wat een band brengt. En sommige vergelijkingen houden nu eenmaal steek. Zoals Mac DeMarco. Hij mag ons gerust eens naar een van zijn barbecues uitnodigen.”

Johannes Genard van School Is Cool zei laatst: “Ik heb potentiele singles weggesmeten omdat iemand ze met een andere groep vergeleek.” En jullie?
Felix: “Daar had ik vroeger veel last van. Toen voelde zowat elk nummer dat we schreven als dat van een ander. Ik heb al een honderdtal songs geschreven en daar blijven er maar weinig van over. Het doet pijn om een lied te schrappen, maar als we het niet voelen dan hoeft het niet. Daarom dat we in ons vijfjarig bestaan slechts een tiental nummers officieel hebben uitgebracht.”

Felix, in een interview zei je ooit: “Voor mij bestaat een song al vooraleer ik eraan begin.” Wat bedoel je daarmee?
Felix: “Ik heb die quote eigenlijk van iemand gepikt, al weet ik niet meer van wie. Maar dat maakt het natuurlijk niet minder waar. Muziek schrijven vind ik namelijk iets magisch. Dan speel ik een akkoord en zoek ik naar een akkoord dat erop kan volgen. En dan is er altijd één akkoord dat klopt. Alsof er een lied in de lucht hangt dat ik akkoord per akkoord probeer te vangen.”

Quinten: “Wij zijn dan heel goed om de song uit Felix te trekken. Hij heeft de ideeën, wij geven ze vorm.”

Hoe weet je of een nummer af is?
Felix: “Het enige waar een artiest op kan rekenen is zijn buikgevoel. Voelt een song af, dan is hij af. Als je teveel nadenkt, dan ben je niet langer geïnspireerd. Dat valt zeker op wanneer ik een hele dag neem om nieuwe songs te schrijven: dan kom ik urenlang nergens, tot ik, vijf minuten voor ik moet vertrekken, plots tien ideeën tegelijk heb. Je kan het niet forceren. De song moet naar jou komen.”

Als afsluiter: wat is het beste advies dat jullie als artiest al gekregen hebben?
Felix: “(denkt na) Dat is een lastige. Ik kan me eigenlijk alleen maar onbruikbare adviezen herinneren.”

Zoals?
Felix: “Toen ik vertrok om de videoclip van ‘Young Mother’ te schieten, zei mijn mama: ‘Niet te speciaal doen, hé.’ Schattig, toch?”

Quinten: “Onze vorige platenbaas zei ooit: ‘Doe die synthesizers maar weg.’ (lacht) Die synths zijn uiteindelijk uitgegroeid tot een cruciaal onderdeel van ons geluid.”

Felix: “De beste adviezen zijn eigenlijk de kleine. Jasper die ons vertelde dat we niet bang moeten zijn om een refrein meer dan twee keer te brengen. Mijn vriendin die me eraan herinnert dat ik mezelf moet blijven. En natuurlijk Quinten en de rest van de groep die me al zo vaak goeie raad hebben gegeven. Zonder hen zou ik nergens staan.”

tinfingersmusic.com