Pierre-Fuse-KBL1

Pierre

Sterkhouder van Fuse – ‘From Brussels with Love’

Geen enkele levende club in België heeft zo’n rijke geschiedenis als Fuse. Na 23 jaar is de club in de Brusselse Rue Blaes nog steeds relevant door elk weekend het beste uit de techno- en housescene te programmeren. Pierre is er resident sinds dag één en moet er zowat alles gezien hebben. Naast boeker is hij tegenwoordig ook manager van het gloednieuwe label Fuse Music. Hoe hebben zij al die tijd doorstaan en wat zijn volgens hem de kansen voor een club vandaag?

Pierre: “Ik herinner me de moeilijke begindagen in de jaren 90. Ons doel was om techno te introduceren in België. Je moet weten dat het publiek nog niet gewend was om uit te gaan op dit soort muziek. De eerste weken werkten echt niet … tot we Laurent Garnier uitnodigden. Die avond was een groot succes en een echt kantelmoment voor ons: mensen keerden nadien steeds vaker terug en techno werd enorm populair. Het waren hoogdagen voor de club.”

“Naast festivals als Tomorrowland heb je ook een tegenbeweging van jongeren die zich meer herkennen in de sound van de underground en een totaal andere beleving van muziek.”

Fuse is altijd een baken geweest voor techno, maar ondertussen zijn er ook andere stijlen te horen. Is de artistieke visie fel geëvolueerd?
Pierre: “Er is heel wat veranderd. Vroeger kon je bijvoorbeeld geen house horen in Fuse – daarvoor moest je naar de Food in Leuven. Hier was het enkel techno. Op het hoogtepunt eind jaren 90 konden we het ons lange tijd veroorloven om grote internationale technonamen uit te nodigen en steeds te laten terugkeren. We programmeerden toen ook minder avonden dan nu. Maar toen de technosound rond 2000 begon te veranderen, hebben we dat moeten herdenken. Langzaam zijn we ons beginnen openstellen voor verschillende nieuwe invloeden uit de underground en bouwden we aan de visie waar we vandaag voor staan: we bieden nog altijd bekende artiesten uit de scene, maar willen mensen ook geregeld de namen van morgen laten ontdekken – zoals in de begindagen. Sinds 2003 zijn we zo opnieuw gegroeid als club en dat pad blijven we in de toekomst volgen: op zaterdag is er meer ruimte voor andere geluiden uit het elektronische spectrum terwijl we op vrijdag iets meer inzetten op gevestigde waarden. Daarnaast laten de twee verdiepingen van de club ons nu ook toe te variëren in verschillende niches en genres.”

Concepten zoals Lessizmore, Futurepast en Beyond zorgen mee voor die diversiteit op zaterdag?
Pierre: “Klopt, voor deze in-houseconcepten werken we samen met verschillende promotors. Zij dragen hun concept mee uit, maar wij bepalen wel mee wat de line-up is. Overzicht is nodig: het levert consistentie op in de programmatie. Zij boeken onderling niet dezelfde artiesten en behouden wel elk apart hun eigenheid. Hoewel er enkele Brusselse concepten bijzitten, proberen we verder dan Brussel te kijken en ons bereik te vergroten met promotors uit verschillende hoeken en regio’s. De focus houden op Brussel is niet genoeg omdat mensen geen twee opeenvolgende weken naar dezelfde club gaan. Dat deed men in de begindagen trouwens ook niet. Wel had je toen een circuit van clubs en kon je van vrijdagavond tot dinsdagmorgen van de ene club naar de andere gaan in België.”

© Koen Bauters
© Koen Bauters

Veel clubs hebben het moeilijk gehad de afgelopen jaren. Hoe verklaar je dat Fuse vandaag nog steeds relevant is?
Pierre: “Door een verschuiving van de clubs naar de festivals en open airs is het niet makkelijk geweest voor velen. Dat wij nu nog altijd relevant zijn heeft volgens mij veel te maken met een zoektocht naar authenticiteit bij de jeugd. Naast festivals als Tomorrowland heb je ook een tegenbeweging van jongeren die zich meer herkennen in de sound van de underground en een totaal andere beleving van muziek. Als je de undergroundmuziek vandaag bekijkt, dan merk je dat er veel elementen terugkeren uit de sound van de jaren 90. Jongeren kunnen hier die sound vinden. We hebben altijd een sterke link met dat tijdperk bewaard – we draaien immers al zo lang mee. Bovendien hebben we altijd geprobeerd niet te mainstream te zijn, maar een positie ergens tussenin te behouden.”

“Ik geloof dat er naast de festivals altijd ruimte zal zijn voor clubs omdat ze een andere functie uitoefenen. Wij als club kunnen een totaal andere ervaring bieden voor bezoekers: ze ontdekken hier nieuwe artiesten die zich volledig kunnen uiten in een donkere omgeving. Dat kan een dj niet op een festival, waar ze gebonden zijn aan een korte set en voor een totaal ander publiek spelen. Hier krijgen ze veel meer vrijheid.”

Je bent al meer dan twintig jaar resident in Fuse. Hoe belangrijk is een resident voor een club zelf?
Pierre: “Hij vormt een belangrijk onderdeel van de identiteit van de club. Als je geen residents hebt en enkel dj’s uitnodigt, dan zou er maar weinig verschil zijn tussen clubs hier in België. Bovendien heb je ook iemand nodig die de club kent en een referentiepunt vormt, enerzijds voor de andere dj’s die spelen en anderzijds voor het publiek. Zij hebben veel aan een resident: hij is een houvast waarop ze kunnen terugvallen, bijvoorbeeld wanneer ze de set van de hoofdgast die avond maar niets vinden.”

“Brussel vormt een groot deel van onze identiteit en we willen een positief beeld uitdragen.”

Eind vorig jaar nog richtten jullie het eigen label Fuse Music op, waarvan jij manager bent. Wat wil je bereiken met het label?
Pierre: “Muzikaal proberen we een mix te brengen van verwante buitenlandse producers en lokale artiesten. We geloven dat we talent van hier internationaal nog een duwtje in de rug kunnen geven. Met het label kijken we dus over de grenzen heen en willen we zowel Brussel als België opnieuw op de kaart zetten. Op onze platen staat ‘From Brussels with Love’: Brussel vormt een groot deel van onze identiteit en na de aanslagen van vorig jaar willen we toch ook een positief beeld uitdragen. Ook wij hebben het vorig jaar tussen maart en september gevoeld.”

Jullie treden met het label, events als Fuse-off, en hostings op o.m. Dimensions Festival ook buiten de club. Liggen daar de kansen?
Pierre: “De essentie blijft dat de club goed draait. Een sterke programmatie binnen een perfecte omgeving zal altijd het eerste zijn waar we ons om bekommeren. Eenmaal dat goed zit, kan een club langzaam groeien door actief te zijn op andere fronten. Hier zeggen we: nulle n’est prophète dans son pays en dus kijken we verder dan onze grenzen. Hostings in het buitenland zijn een logische stap, maar we proberen nogal selectief te zijn. Deze zomer vind je ons bijvoorbeeld op Dimensions Festival (Kroatië) en op Exit Festival (Servië). Door die festivals krijgen we internationale erkenning van mensen in het buitenland en dat rendeert ook voor de club. Hetzelfde geldt voor het label: luisteraars van over de hele wereld worden geprikkeld om de club te leren kennen wanneer ze met de muziek in contact komen. Alles gaat hand in hand.”

Thanks, Pierre!

fuse.be