Mike Naert & Roeland Veugelen (Het Depot)

Het Depot: verzamelplaats voor muzikanten

“Een rondzwervend depot in Leuven, schrijf daar eens een artikel over.” Zindert die feedback van gisteren nog rond in mijn oor of is de Poppunt hoofdredacteur nog altijd niet bekomen van de tête-à-tête met zijn flightcase? Geen van beide, onze ronde langs Vlaamse popwerkplaatsen brengt ons deze keer naar Leuven, waar het muziekcentrum Het Depot sinds april 2003 een stevige muziekwerking heeft uitgebouwd, maar niet over een eigen centrale locatie beschikt.

“Voor onze concerten zitten we op verschillende locaties omdat we geen eigen infrastructuur hebben. Voor kleinere clubconcerten kunnen we terecht in de SoJo, een locatie die al een traditie heeft in het organiseren van concerten. Voor grotere optredens wijken we uit naar de grote zaal in ’t Stuk en zaal Eden. Verre van ideaal want we zitten beperkt in het aantal keren dat we daar iets kunnen doen. Voor DJ-events kunnen we terecht in Rumba en de Silo. Het is behelpen, maar dat lukt wel. We zijn niet de enige organisatie zonder vaste stek, Ook 5 voor 12 en Democrazy zitten in die situatie. Een eigen locatie zal ook niet voor morgen of overmorgen zijn, maar wordt een verhaal op lange termijn.” Aan het woord is Depot-voorzitter Mike Naert.

Hoe ziet jullie programmatie eruit? Zien jullie in de programmatie ruimte voor eigen talent?
“Met onze programmatie zitten we in de buurt van het Clubcircuit, maar we hoeven daar niet noodzakelijk officieel deel van uit te maken. We geven vooral podiumkansen aan Belgische groepen die al iets verder staan. We proberen wel consequent een groepje uit de regio als support-act te programmeren. Daarnaast proberen we ook iets conceptueler te werken. Zo programmeren we met ‘Bugalu’ old skool funk, soul en brazilian beats. ‘Fresh’ is dan weer een samenwerking met het dj-collectief Killa Tactics rond hip-hop, ragga en r’nb.”

Naast concerten ook muziekopleidingen

De tweede grote pijler van Het Depot, het muziekeducatieve luik, draagt als roepnaam popatelier. Dit popatelier zit ondertussen al een 4 à 5 jaar op een vaste locatie, in de lokalen van het vroegere Fret Popatelier. Daar kan je terecht voor instrumentlessen, groepslessen en repetitielokalen. “Met het popatelier komen we vanuit een algemene jeugdwerkorganisatie in Leuven.” valt Depot-penningmeester Roeland Veugelen bij. “We zijn met het popatelier begonnen als een deelwerking vanuit de jeugdwerking Zzmogh vzw. Toen zwierven we ook rond in Leuven. We zijn zelfs nog begonnen op een kot, nadien konden we voor groepslessen terecht in Vleugel F en tenslotte hebben we op vraag van de stedelijke jeugddienst de lokalen in de JB Van Monsstraat betrokken. Op die locatie waren 3 repetitielokalen en 2 leslokaaltjes voorhanden, maar de jeugddienst vond op dat moment geen geschikt systeem om die uit te baten en sprak ons daarvoor aan. Wij zijn ingegaan op hun voorstel op voorwaarde dat we er onze lessen konden in thuisbrengen. Fret Popatelier werd afgesplitst van zZmogh en ging als aparte vzw bestaan. Een tweetal jaar later zat Fret Popatelier als één van de Leuvense spelers in de muzieksector mee aan tafel bij de opstart van Het Depot. “Uiteindelijk is het popatelier vrij snel volledig opgegaan in de werking van Het Depot, al ongeveer na één jaar. We willen zo van het Depot een complete muziekorganisatie maken.”

Welke andere spelers zitten nog mee in Het Depot?
Mike Naert: “Naast een dagelijks bestuur worden we omringd door mensen van de SoJo, het Stuk (dat zelf een meer alternatieve programmatie doet), het Cultuurcentrum Leuven (meer gericht op theater, wereld-en folkmuziek), Orange Factory (met focus op stonerrockoptredens), de mensen van Marktrock, Jeugdcentrum Vleugel F, Studio Roxy en Radio Scorpio en de cel cultuur van de stad zelf.”

Samen leren samenspelen

Welke muziekopleidingen kan je in Het Depot volgen?
Roeland Veugelen: “We hebben ten eerste de traditionele lessen gitaar, bas, toetsen, drum, zang en sax. Dat zijn vooral individuele, technische lessen. Naast die technische cursussen hebben we ook een paar groepslessen zoals de lessen ‘combo’, waarbij we de mensen de finesses leren in groep samenspelen, de cursus‘songwriting’ en de lessenreeks ‘close harmony’ voor de mensen die met zang bezig zijn. Van in het begin is ons basisconcept dat we mensen in groep muziek willen laten maken en daar plezier aan laten beleven. Maar eerst hebben ze een technische bagage nodig en daarom bieden we ook die individuele instrumentlessen aan. We proberen dat de muzikanten verder kijken dan hun individuele instrumentles elke week en hopen dat ze zich aansluiten bij zo’n combo, dat ze naar één van onze masterclasses komen of dat ze eens komen mee jammen op één van de maandelijkse jamsessies. Net omdat je volgens ons pas muziek aan het maken bent, wanneer je samen bezig bent. Sinds dit jaar zijn we onze masterclasses aan het uitwerken. In het eerste semester hebben we er een 8- à 9-tal gedaan met mensen als Anton Walgrave, David Poltrock (Hooverphonic) Davy Deckmijn (drums bij Zornik), Erik Van Biesen (gitaar bij Gorki) , Lien Degreef (de stem in Bolchi) Axl Peleman (de man van de basgitaar en Camden) DJ Bobby Ewing (Discobar Galaxie). Daarnaast organiseren we sinds vorig jaar een aantal technische cursussen omdat we merken dat die vraag momenteel zeer groot is. Dat wil zeggen ‘studioengineering’, ‘PA’ en ‘muziek op computer’. Voor de lessen ‘studio-engineering’ werken we nu samen met studio Impuls in Herent. Verder bieden we daar een aantal interessante opname-pakketten aan voor groepjes die dat vragen, daar hebben we een aantal interessante pakketten qua opname.”

Repeteren in blokken, op temperatuur én verlucht

Ik kan ondertussen een instrument bespelen en als ik samenspeel met enkele  andere muzikanten komen er soms al eens nummers van, kunnen jullie mij nog verder helpen?
Roeland Veugelen: “Je kan bij ons elke avond van de week, woensdagnamiddag en in het weekend komen repeteren in één van onze drie professioneel uitgeruste repetitieruimtes of in het aparte drumlokaal. Elke repetitieruimte bevat een zanginstallatie en een mengtafel. Twee van de drie lokalen zijn uitgerust met een drumstel. Verder is een repetitieruimte bij ons niet alleen een geluidsdichte ruimte maar ook een lokaal dat op temperatuur gehouden wordt, én met een goeie verluchting. Groepjes die komen repeteren kunnen onze micro’s gebruiken. Gitaren en versterkers moeten ze zelf meebrengen, maar we hebben wel kastjes om ze ter plaatse achter te laten. Omdat we maar met drie lokalen zitten en die optimaal willen benutten verhuren wij alleen per blok van 4 uur. Binnen die 4 uur zit zowel het opzetten als het afbreken van de setup. We hebben geluk dat die gebouwen indertijd ingericht zijn als opnamestudio’s en de geluidsisolatie dus zeer oké is, tenzij je met alle deuren open zou gaan spelen.”

Collegiale steun….

Hoe staan jullie tegenover collega’s met een eigen infrastructuur als Muziek-odroom en Trix?
Mike: “Dat zijn gelukzakken hé! Die muziekcentra zijn er gekomen op initiatief van een aantal creatieve mensen en omdat stad en provincie zwaar geïnvesteerd hebben. Wij vertrekken helaas vanuit een andere realiteit. Ik denk dat Trix bijvoorbeeld minstens het dubbele budget krijgt van de stad als ons totaal jaarbudget inclusief onze inkomsten uit optredens, verhuur en lessen. Op dat vlak zitten wij nog met een achterstand, maar daarom zijn we niet minder enthousiast!