The art of playing live

Na een moeizame zoektocht heb je eindelijk een optreden kunnen regelen. Uren en uren heb je in je repetitiekot doorgebracht om een spetterende live-set klaar te stomen en het is je zelfs gelukt om al je gear in te laden op een manier die Ben Crabbé trots zou maken. Toegegeven, de eerste stappen zijn hiermee achter de rug en goed begonnen is half gewonnen, maar wat als je eenmaal op dat podium staat, de soundcheck gedaan is en je amps klaar staan op 11, klaar om te rocken… Wat doe je dan?

Setlist

Een concert staat of valt grotendeels met een goed verloop van de show en de setlist is daarbij een cruciaal element. Om je set zo interessant mogelijk te maken, is het belangrijk dat er een bepaalde opbouw in zit. Afhankelijk van het genre dat je speelt, is het mogelijk dat je gewoon een uur lang je publiek wilt wegblazen, maar de meeste muziek is toch gebaat bij wat dynamiek.

Daarmee bedoelen we dat het zeker geen kwaad kan om af en toe wat gas terug te nemen. Zo kan je het publiek – maar ook jezelf – even op adem laten komen om ze daarna terug volop van hun sokken te blazen. Natuurlijk hangt een en ander af van het soort show dat je speelt en hoeveel tijd je hebt. Ben je opwarmer of hoofdact? Komen de mensen speciaal voor de muziek of sta je meer op de achtergrond? Is het een intieme clubshow of een groot openluchtfestival? Is het de eerste keer voor dit publiek of kennen ze je repertoire al? Allemaal zaken die je setlist kunnen beïnvloeden.

Frederik Tampere (The Van Jets) - Goede setlist opbouwen

Frederik Tampere (The Van Jets) - Goede setlist opbouwen

Frederik Tampere (The Van Jets) - Flow van de show

Frederik Tampere (The Van Jets) - Flow van de show

Een goede setlist samenstellen is een kunst op zichzelf en vaak zal je pas door trial & error te weten komen wat werkt en wat niet. Nochtans zijn er een paar richtlijnen die je in het achterhoofd kan houden. Zo is het onder andere aangewezen om – afhankelijk van de duur van je set – een zogenaamde spanningsboog in te bouwen. Dit doe je door de afwisselingen in tempo, toonaard en intensiteit af te stemmen op een zeker verloop. Probeer daarbij te werken naar een absoluut hoogtepunt op het einde van de show, zo kan je de luisteraars naar huis sturen met een knaller die ze niet snel zullen vergeten. 

Ook je eerste song is cruciaal. Met de eerste noten na een change-over of een aankondiging heb je vaak nog de volle aandacht van de zaal. Het is belangrijk om die aandacht meteen te grijpen en vast te houden. Begin daarom met een sterke song, maar geef nog niet alles prijs. Zeker als je in een line-up speelt met verschillende bands en niet meteen de headliner bent, kan je openingsnummer bepalen of het publiek blijft staan of wegwandelt. 

Een goede setlist voorbereiden betekent niet enkel dat je beslist in welke volgorde de nummers gespeeld zullen worden, maar ook dat je even nadenkt over goede overgangen tussen nummers. Waar ga je iets zeggen, welk bisnummer ga je spelen, waar moet er gestemd worden of waar kan je twee nummers direct in elkaar laten overvloeien? Tussen elk nummer een pint leegzwelgen, je instrument stemmen of onderling wat staan keuvelen kan de flow van je show heel hard verstoren. Hou er dus rekening mee als je nadenkt over je setlist.

Het publiek wegblazen

Je live-reputatie kan een belangrijke katalysator zijn voor je carrière. Mond-aan-mondreclame is immers nog altijd de beste promo. Daarom zorg je er best voor dat je steeds het beste van jezelf geeft als je op het podium staat. Enkel zo kan je het publiek volledig wegblazen. Dat wegblazen bedoelen we trouwens niet letterlijk, ook met een breekbare, intieme set moet je er naar streven om de aanwezigen je publiek in te pakken.

Colin Van Eeckhout (Amenra) - De verwachtingen overtreffen

Colin Van Eeckhout (Amenra) - De verwachtingen overtreffen

Ian Clement - Relatie met je publiek

Ian Clement - Relatie met je publiek

Colin Van Eeckhout (Amenra) - Respect afdwingen

Colin Van Eeckhout (Amenra) - Respect afdwingen

Frederik Tampere (The Van Jets) - Van plaat naar live

Frederik Tampere (The Van Jets) - Van plaat naar live

Ian Clement - Livesound opbouwen in laagjes

Ian Clement - Livesound opbouwen in laagjes

Ook hier bestaat er geen recept voor succes, maar naast een goede opbouw van je set, zijn er een aantal zaken die zeker kunnen bijdragen om een blijvende indruk na te laten.

  • Interactie. De connectie met het publiek is een belangrijke factor als je live speelt. Dit kan zich op verschillende manieren vertalen, afhankelijk van de venue en het soort band/muzikant dat je wil zijn. Sowieso is het aangeraden om af en toe een woordje tot het publiek te richten, al is het maar om te vertellen wie je bent. Niets irritanter dan een uur naar een band te kijken en na afloop nog niet weten wie je nu net gezien hebt. Zo wordt het voor eventuele gewonnen zieltjes ook moeilijk om hun enthousiasme te delen.

    Als er geen aankondiging is voor je show is het zeker aangewezen om zelf even te vertellen wie je bent. Dit kan voor de start van de show, maar ook bijvoorbeeld na één van de eerste nummers. Voor de mensen die tijdens je set zijn binnen gekomen, kan het ook handig zijn als je dit aan het einde van je set nog eens herhaalt. De meeste bands nemen ook even de tijd om het publiek en de organisatie (eventueel de crew) te bedanken en een shout-out te geven naar eventuele volgende groepen. Als je iets van merchandise bij hebt of je wilt laten weten waar je (online) te vinden bent, is dit ook het aangewezen moment.

    Als je tijdens je show iets te vertellen hebt, let er dan op dat je niet te snel spreekt en probeer zo duidelijk mogelijk te articuleren. Het publiek in Bilzen kan wel eens moeite hebben om een plat Oedelems accent te verstaan, en omgekeerd natuurlijk.
  • Het beste van jezelf geven. Dit is misschien wel het belangrijkste advies: zorg er voor dat je je telkens de volle 1000% smijt als je op het podium staat. Alleen zo zal je de organisatie en het publiek kunnen overtuigen van je kunnen. En dat is de enige manier om meer fans te krijgen en meer en betere shows te versieren. Dit betekent ook dat je best pas naar buiten komt met je muziek als je er volledig klaar voor bent. Nieuwe nummers uitproberen kan, maar niet als je ze nog niet van achter naar voren kan spelen met je gitaar achter je rug en hinkend op één been.  In de vluchtige tijden waarin we leven en met het overaanbod aan goede muziek, geeft niemand nog een moer om een band die gewoon oké is. Je moet steeds proberen om alle verwachtingen te overtreffen en iedereen van zijn sokken te blazen.
  • Livesound. De meeste groepen klinken live anders dan op een opname. Dat kan liggen aan het feit dat je je in de studio zwaar hebt uitgeleefd met overdubs en andere tierlantijntjes, maar ook gewoon aan de pure energie van een live performance die er voor zorgt dat de sfeer of de impact van je songs wat verschuift. Door hierop te anticiperen en bewust je nummers te vertalen naar een ‘live-versie’, kan je ervoor zorgen dat deze verschuivingen ten volle in je voordeel spelen.

    Zo’n vertaaloefening kan op verschillende manieren gebeuren en ook hier hangt het gewenste resultaat erg af van het soort muziek en het imago dat je wilt uitdragen. Als je bij het opnemen gekozen hebt om een zo getrouw mogelijke weergave van de songs vast te leggen, zal de stap naar live niet zo moeilijk zijn. Anders ga je onvermijdelijk enkele keuzes moeten maken. Zo kan je bijvoorbeeld beslissen om de nummers volledig uit te kleden en terug te brengen naar de essentie, maar langs de andere kant laat de hedendaagse technologie ook heel gemakkelijk toe om door middel van zogenaamde ‘backing tracks’ bepaalde instrumenten of sporen uit je opnames te laten meelopen. Heb je het niet zo begrepen op die computer-tricks, dan kan je ook altijd beslissen om extra muzikanten in te huren/op te trommelen om je songs te vervolledigen.

    Los van de opbouw van je songs of wie wat speelt, zorg je er ook best voor dat je balans en sound goed zitten. Hoe beter je dit op voorhand op elkaar kan afstemmen, des te minder werk heeft de sound engineer om een goede mix neer te zetten, of – voor de mensen met minder vertrouwen in de man achter de knoppen – des te minder kans heeft hij om je sound om zeep te helpen.

Eigen mixer/crew

Wat het vertrouwen in de – al dan niet aanwezige – technici betreft, kunnen we ook nog enkele tips meegeven. In het begin als je gaat optreden, in kleine zaaltjes, jeugdhuizen of café’s, is het heel goed mogelijk dat er niet echt zaalversterking of monitors voorzien zijn. Vaak zal je het dan moeten stellen met een beperkte ‘zanginstallatie’ en val je voor de rest van het geluid terug op je eigen backline. Dat is zeker geen probleem, maar uiteraard is het in zulke situaties extra belangrijk dat de onderlinge balans goed zit, maar verder moet dit zeker niets af doen aan de kwaliteit van de show. In tegendeel, sommige van de beste optredens die we al gezien hebben, waren in dergelijke setting! Bovendien zijn zulke optredens een goede leerschool.

Naarmate je in grotere zalen terecht komt, zal je ook meer geconfronteerd worden met een zogenaamde PA-installatie (spreek uit als “Pie Eej”; afkorting voor Public Address). In deze situatie worden alle of sommige instrumenten nog eens uitversterkt en weergegeven door een FOH-systeem (front of house), heb je doorgaans nog wat monitors op het podium en staat er minstens één iemand om al die knopjes te bedienen en er voor te zorgen dat zowel de band als het publiek alles hoort wat ze moeten horen. Net zoals bands heb je geluidstechniekers in alle maten en gewichten, en buiten hun BMI verschillen ze ook aardig in hun kennis en kunde. Het kan dus zo maar even zijn dat je een beginner “aan je broek hebt”.

Hoewel het zeker niet altijd slecht moet zijn om op een huistechnieker te vertrouwen, kiezen de meeste bands er op een bepaald moment toch voor om een eigen technieker mee te nemen. Naast het risico op een minder ervaren of goede (niet altijd synoniem!) technieker uit te schakelen, kan dit nog enkele andere voordelen hebben. Het is nu eenmaal een feit dat ook techniekers beter worden door ‘oefening’. Door dus vaker de zelfde band of hetzelfde repertoire te mixen, weet een technieker al snel waar hij op moet letten en hoe hij je geluid nog beter kan maken. Dit kan bijvoorbeeld door het strategisch toevoegen van effecten of het uitlichten van bepaalde passages. Een goede technieker kan je ook helpen om je onderlinge balans al goed te krijgen voor je het podium op stapt, om je gear en sound beter op elkaar af te stemmen en in het algemeen om zoveel mogelijk variabelen uit te schakelen, zodat je zo veel mogelijk naar een fail-proof concept kan groeien.

Thomas Van Dingenen - Livereputatie opbouwen

Thomas Van Dingenen - Livereputatie opbouwen

Frederik Tampere (The Van Jets) - Eigen geluidstechnieker

Frederik Tampere (The Van Jets) - Eigen geluidstechnieker

Daarnaast is het vaak ook gewoon super handig om iemand te hebben met wat technische know-how die je band kan vertegenwoordigen naar de zaal toe. Zo kan je eigen technieker perfect inschatten of het voorgestelde materiaal volstaat voor je band of dat er toch aanpassingen/aanvullingen nodig zijn. In sommige gevallen brengt een vaste technieker ook nog wat eigen spullen mee, soms omdat hij daar beter mee vertrouwd is en weet hoe hij uit zijn toestellen een topklank kan halen of soms gewoon ter aanvulling van zalen die niet zo voorzien zijn op technisch vlak.

Je moet je zeker niet beperken tot een geluidstechnicus. Afhankelijk van je band kan het ook lonen om te investeren in een backliner, een lichttechnieker, een roadie of een tourmanager. Voor de meeste bands heeft een geluidstechnieker echter het meeste zin, zeker als startpunt. Het zorgt voor de best mogelijke vertaling van je kunnen naar het publiek toe. Het zorgt als artiest ook voor een zekere gemoedsrust, je weet dat de man achter de mengtafel er altijd alles aan zal doen om je zo goed mogelijk te laten overkomen. Dergelijke continuïteit is erg belangrijk bij het opbouwen van een live-reputatie. Een eigen crew zal je wel wat geld kosten, maar dit moet je echt als een investering in jezelf zien. Goede live-shows leiden immers tot meer optredens en hogere gages.

Als je beslist om de stap te zetten naar een vaste technieker word je vaak geconfronteerd met de keuze tussen een duurdere ‘pro’ aan de ene kant en een minder ervaren en misschien goedkopere jonge wolf aan de andere kant. Geen van beiden is noodzakelijk een betere keuze. Hier moet je de keuze vooral laten afhangen van de persoon. Met alle crew is het belangrijk dat er een ‘klik’ is, als het goed gaat, ben je immers veel samen op de baan en niemand wil samenwerken met een klootzak. In dat opzicht moet een jonge wolf dan ook zeker niet onderdoen voor een ervaren ‘oude rot’. Zeker als het iemand is die dicht bij de band staat en erg gemotiveerd is om mee te groeien met de band, kan het op lange termijn wel een betere optie zijn om ervaring ondergeschikt te maken aan motivatie. Een beetje aanleg en kennis is echter wel vereist, maar skills kan je leren.

Het oog wil ook wat

Colin Van Eeckhout (Amenra) - Belang van het visuele

Colin Van Eeckhout (Amenra) - Belang van het visuele

Frederik Tampere (The Van Jets) - Een goede liveshow

Frederik Tampere (The Van Jets) - Een goede liveshow

Zoals we op andere plaatsen al aanhaalden, is het belang van een eigen stijl of imago niet te onderschatten. Het draagt allemaal bij tot de beleving. Probeer dit dan ook door te trekken in je live shows. Er zijn verschillende manieren om dit te doen, bijvoorbeeld door te spelen met outfits of styling, maar ook door het gebruik van bepaalde decor-elementen of een specifieke visuele stijl met licht en/of video. Ook je houding op het podium doet veel aan de beleving van je performance. Als heel je band als een spreekwoordelijke zak patatten op het podium staat, moet je niet verwachten dat het publiek snel enthousiast wordt. Een beetje zelfzekerheid, beweging en uitstraling doen al veel, maar pas op dat je niet overdrijft, dan wordt het misschien opgevat als een gimmick of arrogantie.

Het niet overdrijven, kan je als een universele regel nemen als het op visuele elementen aankomt. De muziek is en blijft immers het belangrijkste, zorg dan ook dat dit centraal blijft staan en dat de rest aanvullend werkt, maar niet afleidend! In dat opzicht is het ook belangrijk dat visuele elementen in de lijn liggen van de muziek. Een death metal band in roze glitterpakjes trekt misschien even de aandacht, maar het draagt niet echt bij aan de geloofwaardigheid. En laat authenticiteit nu net een heel bepalende factor zijn in het (succes)verhaal van de hedendaagse artiest. 

Gehoorbescherming

Tijd om wat clichés boven te halen: je hebt maar één paar oren, draag er dus zorg voor. Het bond-zonder-naam gehalte even achterwege gelaten, is het nog steeds de harde waarheid. We weten zelf maar al te goed hoe leuk het kan zijn om met wapperende broekspijpen en de volume-knop op 11 elke aanslag van je gitaar in je lichaam te voelen, maar we kennen evenzeer de irritante pieptoon die daarna soms in je hoofd kruipt. We moeten er waarschijnlijk niet bij vertellen dat dit niet erg gezond is voor je oren en zelfs kan leiden tot permanente schade. Het is dus belangrijk om verantwoord om te gaan met de volumes die je produceert, niet alleen op het podium, maar ook in je repetitiekot!

Er zijn verschillende stappen die je kan ondernemen om je gehoor te beschermen. Een eerste belangrijke stap is simpelweg niet te hard spelen. Stem je onderlinge balans steeds af op het luidste instrument – meestal de drum – en probeer daar vervolgens niet over te gaan. Als je met PA speelt, kan je zelfs nog iets stiller gaan, zolang je iedereen nog goed hoort, komt het wel goed. Zo geef je de geluidstechnieker ook meer ruimte om een mix te maken op de zaalspeakers, in plaats van te moeten compenseren voor alles wat er van de backline op het podium komt. Zeker met de steeds strenger wordende geluidsnormen, zorgt een hoog volume op het podium niet alleen voor een verhoogde kans op gehoorschade, maar maak je het de mixer ook moeilijk om nog een goede balans te maken die binnen de normen valt. 

Een mogelijke optie om het podiumvolume nog meer naar beneden te halen, is om met in-ear monitoring te spelen. Hierbij vervang je de monitors op het podium door oortjes. In-ear systemen heb je in verschillende soorten, bijvoorbeeld al dan niet draadloos en met of zonder op maat gemaakte oortjes en de prijzen variëren van een kleine 200 à 300 euro tot enkele duizenden euro’s. Om een volledige band van in-ears te voorzien is dus best een prijzige zaak. Daar komt nog eens bij dat niet elke venue is uitgerust om iedereen een eigen (stereo)mix te geven met in-ears en dat het toch net iets meer vergt van een geluidstechnieker dan een standaard set-up met monitors. Het is dus zeker niet voor iedereen een goede oplossing. Als je je oortjes te hard zet, kan je je oren trouwens ook gewoon om zeep helpen. 

Een andere oplossing is het spelen met oorbeschermers, ook hier heb je een aantal verschillende opties: op maat gemaakt, in de oren, over de oren, met of zonder “muziekfilter” en nog meer van dat fraais. Over de effectiviteit van deze verschillende opties is een studie verschenen die aantoont dat ze niet allemaal even goed presteren en dat duurder niet altijd beter is. Even uitkijken wat je koopt dus. Los van het feit dat ze goed afsluiten of niet, moet je toch ook even stilstaan bij het concept van zo’n oordoppen. Je gaat het volume dat je produceert een aantal dB dempen voor het in je oren kruipt. Daarmee produceer je nog wel altijd evenveel volume. Afhankelijk van de dempingsfactor van je doppen, ga je misschien zelfs wat harder spelen om je zelf terug goed te kunnen horen. Erg paradoxaal allemaal, maar als je als enige in de band vindt dat jullie toch net wat te hard spelen, kan het wel een goede oplossing zijn.

Stiller spelen blijft nog steeds de beste oplossing. Experimenteer daarbij ook eens met een andere podiumopstelling of pas de plaatsing van je backline eens aan. Je speakers meer richting je oren richten bijvoorbeeld, kan al helpen om minder luid te moeten spelen. 

Heb je vragen of opmerkingen bij deze pagina?
Popadvies op maat
Vind je hier toch niet het antwoord op jouw vraag? Poppunt geeft ook persoonlijk advies.
   popadvies@poppunt.be       Bel 02 504 99 00       Maak een afspraak