De juiste studio kiezen

Een weldoordachte keuze met een grote invloed op het eindresultaat

Tot een goede tien jaar geleden was een plaat opnemen een redelijk eenvoudige stap voor een artiest. Met een beetje geluk werd je ontdekt door een label en begeleidde een A&R-manager je bij de keuze voor een producer en opnamestudio. Je kreeg een budget van je label dat volstond om je productie professioneel tot een goed einde te brengen en enkele maanden later lag je plaat al in de rekken. Vandaag hebben een aantal veranderingen dit proces helaas volledig omvergegooid, waarvan de grootste de opkomst en democratisering van het internet zijn.

Het internet heeft het publiek veel dichter bij de artiest gebracht, maar zorgt tegelijkertijd voor een veel grotere concurrentie. De kans dat je door een label ontdekt wordt, is dus gevoelig kleiner geworden. Tegelijkertijd zorgen het internet en de snelheid van communicatie via dit medium ervoor dat de muziekmarkt erg volatiel geworden is. Artiesten gaan van Zero to Hero en back to Zero in no time.

Gevolg? Labels nemen de risico’s niet meer die ze vroeger wel namen en investeren veel minder in bands. Los daarvan blijven artiesten muziek maken met de bedoeling om een publiek te kunnen opbouwen. Songs opnemen en uitbrengen blijft dus een noodzakelijke stap in dit proces. En als een label niet klaarstaat, dan doe je het toch gewoon zelf? Bij deze: een handleiding om je wegwijs te maken in onder meer de aanpak van een opnameproces en het efficiënt bereiken van een kwaliteitsvol resultaat.

Homestudio of professionele opnamestudio?

De eerste vraag die je je kan stellen is: heb je wel een studio nodig voor je opnames? De voorbije vijftien jaar is de markt van de muziektechnologie immers heel snel gedemocratiseerd. Iedereen die thuis een PC of Mac, een microfoon en een geluidskaart heeft, kan eigenlijk aan de slag in zijn eigen ‘opnamestudio’. Tips daarover vind je hier of hier. Je moet dus helemaal niet op zoek naar een opnamestudio, je kan gewoon zelf aan de slag in je slaapkamer.

Of toch niet? Zoals zo vaak ligt de waarheid ergens tussenin. Bepaalde dingen kan je zeker thuis opnemen, maar er zijn twee factoren waar je steeds rekening mee moet houden:

  • Akoestiek. De klank van bepaalde instrumenten wordt grotendeels bepaald door de ruimte waarin ze bespeeld worden. We denken dan in de eerste plaats aan drums, maar ook aan piano, akoestische gitaar, strings,… Voor opnames van deze instrumenten moet de akoestiek van de opnameruimte aangepast zijn aan het instrument. Daarvoor kan je het best terecht in een opnamestudio. Andere instrumenten zoals elektrische gitaar, synths,… hebben niet per se een akoestiek nodig dus die partijen kan je eventueel thuis opnemen.
  • Vakmanschap. Je mag de beste apparatuur en instrumenten van de wereld ter beschikking hebben, als je er niet mee kan werken, ben je er niets mee. De opnamemarkt mag dan wel een stuk toegankelijker geworden zijn, skills zijn nog steeds even belangrijk als pakweg tien jaar geleden en dat koop je niet zomaar in de MusicStore. Als je niet zelf over de nodige ervaring bezit, is de keuze van de engineer dus een zeer bepalende factor. Sommige studio’s werken vast met een aantal engineers of producers en ook omgekeerd hebben de geluidsmannen vaak hun geliefde studio’s of materiaal. De combo engineer – studio is dus een niet te onderschatten factor! Het is niet altijd gemakkelijk om vakmanschap goed in te schatten, maar begin eens door te kijken met wie andere groepen met een goede opname zoal hebben samengewerkt. En als je het budget hebt, moet je zeker niet te bescheiden zijn om eens internationaal rond te vragen. Een nee heb je, een ja kan je krijgen.

    Er zijn verschillende personen die je kan inschakelen om je plaat op te nemen of naar een hoger niveau te tillen. De typische engineer is de man (of vrouw) die weet waar je de micro’s moet plaatsen om de juiste sound te krijgen, meestal zit hij ook achter de knoppen tijdens het opnemen. Ook daar komt immers wat vakkennis bij kijken om het signaal zo zuiver mogelijk op te nemen. Later kan deze persoon zich ook over het mixproces buigen, of je kan er voor kiezen om daar een andere mixing-engineer voor in te schakelen, maar meestal gebeurt dit door dezelfde persoon. Als je ook op zoek bent naar artistiek advies tijdens (of voor) de opnames, dan moet je op zoek naar een producer. Sommige producers kunnen ook de technische kant opvolgen en omgekeerd, dus budgetgewijs kan het interessant zijn om iemand te zoeken die van meerdere markten thuis is.
  • Mike Crossey - Hulp in de studio

    Mike Crossey - Hulp in de studio

Vandaag is het heel belangrijk om aan het eind van je opnames een kwaliteitsproduct te hebben. De concurrentie op de muziekmarkt is tenslotte groot. Om een grotere slaagkans te hebben en een publiek op te bouwen, kun je dus maar beter zorgen dat je demo, EP of album beter klinkt dan die van de anderen. Probeer niet per se om alles zelf te doen, maar laat je adviseren en begeleiden door een professionele producer of engineer die ervaring heeft. Het zou zonde zijn om er al je energie in te steken en achteraf een halfslachtig resultaat te hebben. Daarom kan je best voor minstens een deel van je productie naar een opnamestudio.

Pascal Deweze - Studio als vergrootglas

Pascal Deweze - Studio als vergrootglas

Pascal Deweze - Verwachtingen bij opnamen

Pascal Deweze - Verwachtingen bij opnamen

Succescriteria

Welke studio, welke producer, welke engineer, … is nu het meest geschikt? Om hierin de juiste keuze te maken moet je je vooral afvragen wat je nodig hebt om tot een vette productie te komen. Hierbij kan je ruwweg drie criteria hanteren:

  • Muzikaal/creatief aspect: dit is misschien wel het belangrijkste criterium. De studio moet een plek zijn waar je als band op je best bent en een topperformance kan neerzetten. Dit heeft ten eerste te maken met de manier waarop je gaat opnemen: ben je als band het sterkst wanneer jullie samen live spelen of ben je meer op je gemak als je één voor één je partijen opneemt en daarna gaat knutselen en knippen/plakken? Dit heeft een invloed op je studiokeuze. Als je allemaal samen live wil spelen, dan moet de opnameruimte groot genoeg zijn of moeten er verschillende opnameruimtes zijn waarbij de bandleden visueel contact hebben. Als iedereen zijn partijen apart gaat inspelen, dan volstaat een studio met een kleinere opnameruimte. Of misschien wordt het wel een mengvorm: een studio met een grote opnameruimte om basistracks (drums, bas, gitaar) in te spelen en daarna een kleinere studio voor overdubs, vocals, … Een ander luik van het muzikaal/creatief aspect is je instrumentarium.
    Zoals hierboven vermeld worden bepaalde instrumenten meer beïnvloed door de akoestiek van een ruimte dan andere. Als je bijvoorbeeld drums moet opnemen, dan zoek je beter een studio met een grote opnameruimte en een leuke akoestiek. Neem je daarentegen een hiphopplaat met geprogrammeerde beats op, dan heb je misschien helemaal geen grote opnameruimte nodig.
  • Geluidstechnisch aspect: hier moet je je de vraag stellen hoe je plaat moet gaan klinken. Wil je een ruwe live feel en de energie van een liveconcert, zoek dan een studio met een grote opnameruimte waar je met de hele band tegelijk in één ruimte kan spelen. Of wil je net een heel cleane, gepolijste plaat? Dan is een studio met meerdere ruimtes, waar je de verschillende instrumenten akoestisch van elkaar kan gaan scheiden, misschien meer je ding.
  • Een ander geluidstechnisch aspect is de gewenste klankkleur. De mengtafel, microfoons en outboard gear (randapparatuur) van een studio creëren samen met de sound van de instrumenten een bepaalde klankkleur. Analoge apparatuur klinkt bijvoorbeeld heel anders dan digitale apparatuur. Vaak wordt de voorkeur gegeven aan analoge apparatuur omdat deze een “warmere” klank heeft en meer karakter aan een klank geeft dan digitale apparatuur. Denk maar aan een vintage Neve of API mengtafel uit de jaren zeventig. Toch heeft elk voordeel zijn nadeel. Oude analoge apparatuur is minder betrouwbaar en je kan er ook geen settings in opslaan of recallen.
  • Logistiek aspect: dit speelt natuurlijk ook altijd mee in je studiokeuze. Sommige bands kiezen er bijvoorbeeld voor om naar een studio in het buitenland te trekken. Soms is dat om met een bepaalde producer samen te werken of om in de vibe van een legendarische studio (Sound City, Abbey Road, …) op te nemen. De logistieke organisatie ligt natuurlijk een stuk moeilijker als je naar een buitenlandse studio wil: hoe krijg je al je backline daar? En is het budgettair haalbaar? Als je beslist om in België te blijven, dan heb je een mooi aanbod aan studio’s waarin je terecht kan. Stel jezelf de vraag wat het handigst is: een residentiële studio waar iedereen overnacht en je 24/24u kan opnemen of een studio dichtbij huis. Het één heeft als voordeel dat je als band 24/24u in dezelfde vibe zit en volledig voor je opnames kan gaan, terwijl de andere optie logistiek natuurlijk eenvoudiger ligt.
  • Nog logistiek (maar eigenlijk een mix van alle bovenstaande criteria) is de keuze voor een bepaalde backline. Misschien ben je op zoek naar een heel typisch orgel- of versterkergeluid, of wil je je zang opnemen met een bepaalde microfoon. Sommige studio’s hebben bepaalde instrumenten of gear staan of kunnen voorzien wat je wil. Andere kunnen of willen dat dan weer niet, meestal omdat ze een lage(re) prijs vragen voor de studiohuur. De backline en het voorhanden zijnde materiaal kan dus een belangrijke factor zijn, maar hou zeker ook rekening met het beschikbare budget.

Er zijn dus heel wat factoren die een rol spelen bij het kiezen van de juiste studio.

Het allerbelangrijkste voor goede opnames is natuurlijk dat je je er als muzikant goed voelt, zodat je compleet ontspannen aan je opnames kunt werken.

Heb je vragen of opmerkingen bij deze pagina?
Popadvies op maat
Vind je hier toch niet het antwoord op jouw vraag? Poppunt geeft ook persoonlijk advies.
   popadvies@poppunt.be       Bel 02 504 99 00       Maak een afspraak