Belastingen

Wat betalen we aan vadertje staat, en waarom?

Belastingen zitten nogal complex in elkaar. Ieder jaar wordt iedere meerderjarige burger in ons land ermee geconfronteerd in de vorm van de bruine envelop. We betalen met zijn allen die belastingen om de staat van middelen te voorzien om de collectieve goederen en diensten te kunnen leveren die we met zijn allen gebruiken. Onderwijs, cultuur, transport, infrastructuur, veiligheid, werkgelegenheidsplannen, …: zonder belastinginkomsten krijgt de overheid dat niet allemaal georganiseerd en zouden we er dus ook niet van kunnen genieten.

We betalen op verschillende manieren belastingen, of we nu met de auto rijden (wegenbelasting), iets kopen in een winkel (btw), op restaurant gaan eten (opnieuw btw), een eigen huis kopen (onroerende voorheffing), een loon krijgen of ‘op ons eigen’ een zaak of vennootschap beginnen.

Veel meer uitleg over de belastingen vind je bij het Kunstenloket.

Personenbelasting

Alle meerderjarige inwoners van België betalen personenbelastingen. Soms moeten ook minderjarigen (boven 15) al belastingen betalen, als ze meer dan €7.380 (cijfer voor inkomstenjaar 2015, aanslagjaar 2016) aan Netto Belastbaar Inkomen verdienen. 

De personenbelasting zit anders in elkaar voor werknemers en zelfstandigen, maar de basis is hetzelfde: je betaalt belastingen op je inkomsten, na aftrek van kosten die nodig zijn om die inkomsten te verwerven. Ofwel kies je ervoor om de fiscus zelf een forfaitair bedrag aan kosten te laten aftrekken, ofwel bewijs je alle gemaakte kosten aan de fiscus (de zgn. reële kostenaftrek). Welke en hoeveel kosten je precies kunt inbrengen, is anders voor werknemers dan voor zelfstandigen. Daarnaast kan je nog een aantal andere kosten inbrengen om je totaal belastbaar inkomen zo laag mogelijk te houden. Zo kan je bijvoorbeeld een deel van je pensioensparen, een deel van de kosten voor dienstencheques, opvang voor je kinderen of giften aan een goed doel als kost inbrengen.

Werknemers betalen hun belastingen doordat de werkgever een stuk van je brutoloon afhoudt en doorstort aan de fiscus. Dat noemen we de bedrijfsvoorheffing. Telkens je een loon krijgt, wordt dus een stuk van je belastingen op voorhand ingehouden. Wat je op het einde van het jaar betaald hebt via dit voorschot, wordt verrekend met eventuele andere inkomsten en daarna herberekend. Je private situatie speelt daarbij een rol (getrouwd of samenwonend, kinderen ten laste, enz.). Daarvoor dient de belastingaangifte die je jaarlijks indient. Heb je te veel voorschotten betaald, dan krijg je dat teveel teruggestort van de staat. Als je natuurlijk te weinig betaalde, dan moet je het verschil bijpassen. Alles over de personenbelasting voor werknemers lees je hier.

Zelfstandigen staan zelf in voor de berekening en betaling van hun personenbelasting. Simpel gezegd: een zelfstandige bekijkt hoeveel hij het voorbije jaar heeft verdiend en trekt daarvan alle kosten af die hij heeft gemaakt om zijn beroep te kunnen uitoefenen. Je kan als zelfstandige natuurlijk niet zomaar alle kosten aftrekken, en bovendien zijn sommige kosten niet voor de volle 100% aftrekbaar. Eens je de kosten van de inkomsten hebt afgetrokken, weet je hoeveel winst je hebt gemaakt. Op die winst word je belast. Het is heel belangrijk dat zelfstandigen op tijd hun voorafbetalingen van de belastingen doen, anders hebben ze een belastingvermeerdering aan hun broek. Alles over de personenbelasting voor zelfstandigen lees je hier.

Vennootschapsbelasting

Wil je een juridische structuur (rechtspersoon) oprichten die vooral bedoeld is om handelsactiviteiten te doen en winst te maken, dan kom je als vanzelf uit bij één of andere vorm van vennootschap (VOF, BVBA, NV, …). Vennootschappen zijn als structuur onderworpen aan een andere vorm van belastingen: de vennootschapsbelasting. Vennootschappen betalen belastingen op de winst die ze maken (dus inkomsten na aftrek van gemaakte kosten). Naar gelang de grootte van de winst, komt de vennootschap in een bepaalde schijf terecht, en daar is een belastingpercentage aan gekoppeld.

Ook vennootschappen zijn verplicht om voorafbetalingen te doen, zo voorkomen ze een belastingvermeerdering. En, niet te vergeten: als er geld uit de vennootschap terecht komt op de rekening van de aandeelhouders (bv. een loon, dividenden, …), dan moeten die aandeelhouders daar op hun beurt weer personenbelasting op betalen.

Alles over de vennootschapsbelasting lees je hier

Rechtspersonenbelasting

Organisaties (rechtspersonen) zonder winstoogmerk, zoals de meeste ‘gewone’ vzw’s, zijn onderworpen aan de rechtspersonenbelasting. Dit betekent dat zij geen belastingen betalen op hun normale inkomsten of winsten, maar enkel op inkomsten uit onroerende goederen (bv. huurinkomsten) en bepaalde vormen van roerende inkomsten (beleggingen en dergelijke). Let op: sinds aanslagjaar 2015 (inkomsten 2014) moet de aangifte in de rechtspersonenbelasting verplicht elektronisch worden ingediend. Meer uitleg daarover vind je hier.

Sommige vzw’s moeten wel een zgn. patrimoniumtaks betalen als de ‘bezittingen’ van de vzw (bv. eigen lokalen of andere infrastructuur, geluidsmateriaal, beleggingen, …) meer dan €25.000 waard zijn. Werkingsmiddelen, zoals het geld dat op de zichtrekening staat of een spaarrekening waar af en toe iets wordt op gezet, worden niet meegeteld. De patrimoniumtaks is slechts 0,17% en moet – indien van toepassing – elk jaar voor 31 maart betaald worden. De meeste vzw’s krijgen van de FOD Financiën een brief met een antwoordstrook. Als het patrimonium van de vzw niet groter is dan €25.000, dan kan je gewoon de antwoordstrook invullen en terugsturen. Als het patrimonium wel groter is, dan moet je zelf de aangifte doen bij het lokale ‘registratiekantoor der successierechten’.

Als er geld vanuit de vzw op de rekening van de leden terecht komt (lonen, via factuur, …) dan moeten die leden daar personenbelasting op betalen.

Occasioneel

Het kan gebeuren dat je artistieke prestaties levert zonder dat iemand anders je daarvoor de opdracht heeft gegeven. Denk maar aan een muziekstuk dat je schrijft en dat je ‘verkoopt’ aan een theatergezelschap om te gebruiken in hun jongste productie. In dit geval zijn andere regels van toepassing, zeker als het om een eenmalige activiteit gaat (of toch een activiteit met een zeer lage frequentie). Deze inkomsten worden dan beschouwd als ‘occasionele inkomsten’, en hierop word je apart belast aan een lager tarief. Meer over deze occasionele inkomsten lees je hier.

Vrijstellingen

Je bent niet verplicht om op elke vorm van inkomsten belastingen te betalen. De belangrijkste uitzonderingen zijn:

  • meer onkosten dan inkomsten: als je aan de fiscus kan aantonen dat de onkosten die je hebt gemaakt voor je muzikale prestatie groter zijn dan de inkomsten die je hebt gekregen, dan moet je daar geen belastingen op betalen. Het is enorm belangrijk dat je de onkosten effectief kan aantonen. Facturen voor de gemaakte onkosten (vb. platen, instrumenten, snaren, vellen, etc.), kastickets, treinbiljetten voor de verplaatsingen naar het optreden en noem maar op zijn hiervoor allemaal geldig bewijsmateriaal. Benzinekosten kunnen ook worden vergoed.
  • kostenvergoedingen: zowel reële kostenvergoedingen (dus een pure terugbetaling van effectief gemaakte onkosten, die je ook kan bewijzen met bv. een kasticket, factuur, …) als forfaitaire kostenvergoedingen (bv. kilometervergoeding, Kleine Vergoedingsregeling, …) zijn vrijgesteld van belastingen
  • vrijwilligersvergoeding: ook hier gaat het om een forfaitaire kostenvergoeding (maar wel voor niet-artistieke prestaties) die dus ook vrijgesteld is van belastingen.

Buitenland

Als je als muzikant een tournee in het buitenland achter de rug hebt, dan heb je er hopelijk ook wat centen verdiend. Waar moet je dan belastingen betalen? Enerzijds wil België belastingen heffen op het totale inkomen dat je verkreeg, maar anderzijds wil het land waarin je geld verdiende (bv. Nederland) ook belastingen heffen op de som die je daar verdiende. Om te vermijden dat je twee maal langs de kassa moet passeren, worden al een hele tijd zgn. dubbelbelastingsverdragen gesloten tussen landen. Er wordt overeengekomen wie op welke inkomsten belastingen heft.

Waar en hoeveel belastingen je betaalt, hangt o.a. af van je statuut (werknemer, zelfstandige, …) en het land waar je de inkomsten hebt verdiend. Al de verschillende regelingen worden hier in detail uitgelegd.

Heb je vragen of opmerkingen bij deze pagina?
Popadvies op maat
Vind je hier toch niet het antwoord op jouw vraag? Poppunt geeft ook persoonlijk advies.
   popadvies@poppunt.be       Bel 02 504 99 00       Maak een afspraak